Timshel: je mag… kiezen, je eigen leven leiden, gewoonweg zijn, liefhebben, dansen, spelen, stralen, lachen, huilen,

ja-zeggen, nee-zeggen, bewegen, stilzitten, weten, niet-weten, twijfelen, doorgaan, stoppen, wandelen, rennen,

hard werken, presteren, verdwalen, falen, thuiskomen. Kortom, je mag helemaal jezelf zijn - je bent al gelukt.